De rechtsbijstandsverzekeraar heeft recht op de rechtsplegingsvergoeding (van haar verzekerde)

In het kader van een rechtsbijstandsverzekering zullen de kosten en erelonen van de advocaat van de verzekerde worden betaald door diens rechtsbijstandsverzekeraar.

In die omstandigheden is er discussie gerezen over de vraag aan wie de rechtsplegingsvergoeding toekomt in een procedure waarin de verzekerde in het gelijk wordt gesteld.

Het Hof van Cassatie beslechtte deze discussie in haar arrest van 24 maart 2016.

Voor de rechtbank van eerste aanleg Antwerpen, afdeling Antwerpen werd geargumenteerd dat de rechtsplegingsvergoeding enkel de verzekerde toekomt. Art. 1022 Ger.W. stelt immers dat de rechtsplegingsvergoeding de in het gelijk gestelde partij toekomt. De rechtsbijstandsverzekeraar is (in normale omstandigheden) evenwel geen partij in de procedure van haar verzekerde, doch zij draagt enkel de kosten die laatstgenoemde oploopt in de procedure. De rechtbank volgde deze redenering en oordeelde dat de rechtsplegingsvergoeding uitsluitend toekomt aan de procespartij en niet aan de rechtsbijstandsverzekeraar.

Het Hof van Cassatie verbrak dit vonnis door toepassing te maken van het indemniteitsbeginsel bij schadeverzekeringen.

Iedere rechtsbijstandsverzekering is immers in essentie een verzekering tot vergoeding van schade waarbij de schade bestaat uit de kosten die de verzekerde dient te besteden in het kader van een geschil. Ten grondslag van iedere schadeverzekering ligt het indemniteitsbeginsel krachtens hetwelk een verzekerde nooit een hogere vergoeding kan bekomen dan de schade die deze werkelijk heeft geleden.

De rechtsplegingsvergoeding strekt ertoe een forfaitaire vergoeding te bekomen voor de kosten en erelonen van de advocaat van de in het gelijk gestelde partij. Het Hof van Cassatie overweegt impliciet dat de verzekerde onder een polis rechtsbijstand deze kosten niet zelf heeft moeten dragen en dat een vergoeding, enerzijds via de rechtsbijstandsverzekeraar en anderzijds via de rechtsplegingsvergoeding zou betekenen dat de verzekerde tweemaal voor dezelfde schade wordt vergoed.

Het Hof besluit dan ook dat in dergelijke omstandigheden de rechtsplegingsvergoeding aan de rechtsbijstandsverzekeraar toekomt en deze eventueel de bekomen rechtsplegingsvergoeding mag verrekenen met de ereloonnota van de advocaat waarvoor de verzekerde om haar tussenkomst verzoekt.